Month: november 2019

Review: Pinda* magazine is eigenlijk heel Indisch

Dit is een bijdrage van Sabina de Rozario, november 2019

De eenmalige glossy Pinda* is een regelrechte hit volgens de gepubliceerde verkoopcijfers. Op veel plekken is het magazine, sinds de lancering in half September, niet meer te krijgen, terwijl er 30.000 exemplaren zijn gedrukt. Geen nood, de stapels op de planken zijn weer aangevuld met maar liefst 20.000 stuks.

Ricci Scheldwacht, creatief brein en hoofdredacteur van het magazine heeft 13 jaar kunnen broeden op zijn idee, voordat zijn droom in glossyformat werkelijkheid werd. Een mooi initiatief waarop Indisch Nederland met zekerheid op zat te wachten. Over de gekozen titel is al voldoende geschreven in de media, kom er later even op terug, in deze review wordt vooral gekeken naar de inhoud van de artikelen van ‘de gids van Indisch Nederland’; hebben ze voldoende pindapower? En voldoet Pinda* als gids?

Goed Indisch

Bladerend door het magazine valt direct iets op. De glossy staat vol met glossywaardige (=goeduitziende, ambitieuze en bekende) Indische mensen die, zoals hoofdredacteur Scheldwacht in het voorwoord toelicht, ‘de verborgen Indische schatten vertegenwoordigen’.

Indische topcriminelen, die ooit de Nederlandse pers hebben gehaald, krijgen geen aandacht in Pinda*. Waarom eigenlijk niet, zij zijn niet ‘goed Indisch’?

Mierzoet

Pinda* lijkt te staan voor personen die bekend zijn geworden met bijvoorbeeld schrijven, zingen en acteren met de Indische afkomst in het achterhoofd. Gelukkig zorgen de onmisbare artikelen over de Indische cultuur en geschiedenis, zoals de migratie, de njai en Tjalie Robinson voor enig evenwicht met de interviews van de bekende Indischen, die mierzoet zijn en bovendien extra worden besprekeld met pindapower.
Waar is de kritische noot in dit magazine? Nergens. De kritiekloze inhoud van de artikelen maken van Pinda* een people pleaser of zoals je wilt: een pinda pleaser.

Waar is het pindanieuws?

Helaas staat er weinig nieuws in Pinda*, iets dat wel mag worden verwacht in een glossymagazine. En dat geldt ook voor het beeldmateriaal. Naast geweldig nieuw geschoten materiaal is regelmatig gekozen voor archieffoto’s, al dan niet opgesierd  met oude quotes (tijdgebrek?). Een nieuwe column van  Alfred Birney zou veel hebben toegevoegd, (had hij geen zin?), er is gekozen voor een  oudje van zijn hand. Nog meer oud nieuws: Boekbesprekingen over een lang verschenen boeken (terwijl de nog te verschijnen boeken van Ellen Deckwitz, Sarah Sluimer en Marion Bloem niet worden behandeld) of De Indie Monologen, een toneelstuk dat niet eens meer op de planken staat, bevatten geen nieuwswaarde. En artikelen zonder nieuws horen niet thuis in een magazine.

Glossy of gids?

Oké, het blad kan ook als een gids van Indisch Nederland worden gezien, zie hierover in het voorwoord van Scheldwacht, dan zouden niet alle artikelen aan het criterium van nieuwswaarde hoeven te voldoen. Echter, de kritische lezer mist een flink aantal boeken en films in Pinda* om een compleet beeld van Indisch Nederland te krijgen. Als gids volstaat het magazine zeker niet.

Gemiste kans

De samenstellers van het magazine hebben uiteraard het recht om alleen de goede appels uit de schaal te etaleren, maar wie bepaalt wat en wie goed of slecht is? Neem  Wilders, zijn ideeën zijn vaak wat ‘minder’, waarom heeft hij wel een podium gekregen en andere beruchte Indo’s niet?

Een onbetwiste parel uit het schaaltje met succesvolle Pinda’s is met stip Marion Bloem. Helaas geeft ze geen interview, maar bespreekt haar interessante boekenreeks over Indonesië uit 2012 alweer. Juist omdat deze schrijfster vaak interessante Indische onderwerpen weet aan te snijden, (zie artikel in De Groene Amsterdammer ‘Het trapjesdenken leeft voort’ dat een week na Pinda* verscheen), dat de vraag rijst waarom zij niet binnenstebuiten is gekeerd over haar nog te verschijnen boek? Een gemist kans, de makers hadden hiermee het magazine een ander geluid kunnen geven.

‘Als maar geef geluid’

Over geluid gesproken, nog even iets over de titel, die voor voldoende reuring heeft gezorgd. De titel zou voor complete mata gelap zorgen of juist als liefkozend worden beschouwd, de media heeft dit in iedergeval voldoende opgepikt. Een goed beargumenteerd artikel over de titel verscheen in Parool: ‘Geuzennaam of niet Pinda glossy kan niet’

De titel Pinda is marketingtechnisch erg sterk, want gewaagd, brutaal, eigenlijk ook provocerend.  Zo’n titel belooft wat! Maar is het spektakel wat de lezer krijgt voorgeschoteld? Helaas. Pinda* heeft geen kritiek, geen rebelse invalshoek en originaliteit. Pinda* vertoont gewenst gedrag. En dat is dan eigenlijk heel Indisch.