2e generatie

Auteur Marianne Janssen: ‘Indie blijft zich roeren.’

Dit is een bijdrage van Sabina de Rozario.

De titel ‘De soep ruikt naar hond’ klinkt even opmerkelijk als grappig. Waar dit boek overgaat, verklaart de ondertitel ‘Herinneringen van Indische Nederlanders na de oversteek’ gelukkig. Dit nieuwe boek van Marianne Janssen (journaliste, schrijfster, 1947) ligt vanaf eind mei in de winkels. Sabina, van Door blauwe ogen, spreekt alvast met de auteur van dit nieuwe ‘Indische’ boek.

3. Mama, Margy en Mady Klerks

Mama, Margy en Mady Klerks

Korte hoofdstukken, familiefoto’s en anekdotes; het boek is ‘een feest van herkenning’, aldus het persbericht. Maar het feest begint in dit boek met oorlog en kampherinnering. Komen er ook andere herinneringen aan bod? Marianne Janssen licht de inhoud van het boek toe:

“De verhalen bevatten inderdaad lach én traan. Waar mensen herinneringen ophaalden aan hun verblijf in het kamp overheersten de tranen, zeker omdat men in Nederland niets van hun geschiedenis wilde weten. De lach was: we hebben het overleefd. Weemoed: de moeilijke zoektocht naar woonruimte, de onmogelijkheid een baan te krijgen op het eigen niveau, de discriminatie op vele fronten.”

 

18. Laastste foto in Bandung van moeder Fredriksz en zus Eugenie met de honden.

Laatste foto van moeder Fredriksz en zus Joyce met de honden in de tuin van de suikerfabriek Nieuw Tersana bij Cirebon.

De schrijfster heeft gesprekken gevoerd met de oudsten uit de Indische gemeenschap, de eerste generatie die de migratie bewust heeft meegemaakt met alle zorgen, verwachtingen en hoop die deze generatie daarbij heeft gehad. Ook heeft zij hun kinderen en kleinkinderen (derde generatie) ontmoet. Heeft u voor uw gevoel voldoende betrokkenen besproken?

Marianne Janssen: “Ik  heb een aantal familiegeschiedenissen beschreven, door de reizigers verteld, maar meestal door hun kinderen die ook al behoorlijk oud zijn. Naast die interviews had ik tientallen brieven. En daarbovenop kwamen er toevals-verhalen: ‘Ben jij niet bezig met… Dan heb ik nog wel een verhaal…’. Op die manier. Dat zijn de korte verhalen.

Tijdens de gesprekken ontdekte ik dat er dingen begonnen te ‘dubbelen’. Discriminatie-verhalen op school en werk bijvoorbeeld. Ik concludeerde op een gegeven moment dat ik voor het totaalbeeld voldoende verhalen gehoord had over de onderwerpen die ik mijzelf had opgegeven”

12. Oma An voor vertrek uit Indie op de foto met haar zoon en vier kleinkinderen.

Oma An voor vertrek uit Indie op de foto met haar zoon en vier kleinkinderen.

Samengevat hoofdstuk De soep ruikt naar hond:

De Indische Nederlanders waren gewend twee- a driemaal daags te baden of mandiën. Maar na de oorlog ging men in Nederland nog pas één keer per week in de teil. Dus de pensions stelden in: één keer per week hooguit douchen. Nu vonden de Indische Nederlanders toch al dat Nederlanders stonken, dus dat zagen ze niet zo zitten. Jennifer, een van mijn zegsmensen, vertelt dat het gezin van haar vader samen met de andere gezinnen uit het pension daarom ééns per dag naar het badhuis ging: ‘als ganzen op een rij, handdoek op een rolletje, stukje zeep in de hand. De inwoners van Kerkrade (want daar speelt het) keken hun ogen uit: wat een nathalzen zeg, die bruintjes!’

Vaak wordt aangenomen dat een Tempo Doeloe-trip, Rootsreis of Heimwee-reis, zoals u het noemt, een lang gekoesterde droom is. Wat bent u hierover te weten gekomen?

Marianne Janssen: “Veel geïnterviewden gingen op ‘heimwee-reis’ naar Indië. Maar ‘Indië bestaat niet meer’, was de verzuchting vaak bij de eerste generatie.  De tweede is minder geïnteresseerd, de derde weer wel. Dat schijnt een vast patroon te zijn na emigratie. Die studie haal ik ook aan in het boek.”

Omslag De soep ruikt naar hond

Andere thema’s in het boek zijn wonen, eten, onderwijs, klimaat, school en derde generatie. Stuk voor stuk herkenbare onderwerpen. Groot pluspunt is dat de verhalen autheniek zijn en als het niet het geval is, benadrukt de schrijfster dit. Marianne Janssen beschrijft de geschiedenis van de Indische generaties in Indië en Nederland voldoende en bovendien toegankelijk voor degene die deze nog niet kennen. Anders is het een mooie aanvulling. Wellicht spoort het boek aan om de eigen familiegeschiedenis te onderzoeken?

De titel ‘De soep ruikt naar hond’ wordt na het lezen van het boek meer dan duidelijk. Het zijn woorden uit de mond van een extravert 2-jarig Indisch meisje, deel uitmakend van een treffende anekdote. Haar opmerking leidt tot grote gevolgen trouwens. Welke dat zijn, daarvoor moet men toch echt het boek aanschaffen.
‘De soep ruikt naar hond’ is een prachtig document waarvoor Marianne Janssen met haar betrokkenheid en kennis mooie herinneringen heeft geselecteerd. Stuk voor stuk pareltjes.

 

Aanvullende informatie:

De soep ruikt naar hond: 256 pagina’s, paperback met foto’s. Prijs: 18,95, uitgeverij Just Publishers. ISBN: 97890 8975 0983

Journaliste Marianne Janssen (1947) werkte 32 jaar voor De Telegraaf, o.a. als onderwijsredacteur en columniste. Vorig jaar verscheen bij Just Publishers haar boek Anna’s oorlog. Ze is naast schrijfster, ook recensente voor Leeskost.nl. Ze is getrouwd en heeft een zoon en een dochter. Ze woont in Haarlem.

Advertenties

Anthony Engelen: Topsport in Indonesie biedt mij kansen

Een bijdrage van Sabina de Rozario.

De 31-jarige Anthony Engelen maakt graag op gezette tijden voor geld zijn tegenstander een kopje kleiner. In de kooi wel te verstaan, als sport. Nu zit hij rustig tegenover me om met mij te sparren over onder andere zijn Indische identiteit en wonen en werken in Jakarta. ,,Een kantoorbaan is echt niks voor mij,” licht professioneel MMA fighter en derde generatie Indo toe.

anthony-med-portret-shirt-kl

Van kantoor naar ring

Weer ontmoet ik een Nederlander die als atleet in Indonesië woont en werkt en van Indische afkomst is (Zie artikelen over Martijn de Jong en Tiffany van Soest). Ik ben geïnteresseerd in zijn verhaal en maak een afspraak met hem in (mijn woonplaats) Canggu, waar hij momenteel aan het trainen is.

Het zou kunnen dat onze wegen zich eerder hebben gekruist, want Anthony is, net als ik, geboren en getogen in het  kleine Ermelo op de Veluwe. Ook zaten we op dezelfde middelbare school en judo dojo. Kleine kanttekening: onze leeftijd ligt iets uit elkaar, vandaar dat we elkaar nu pas voor het eerst ontmoeten. Ik vraag aan Anthony (Ermelo,1985) hoe hij is terechtgekomen in Indonesië:

,,Tijdens mijn studie kon ik stage lopen in Indonesië, het land waar mijn vader is geboren (1936, Menado). Sinds 2007 ben ik voor langere periodes in Indonesië voor vakantie of werk. Ooit ben ik begonnen op kantoor bij het familiebedrijf in thee in Jakarta, daarna stond ik voor de klas als leraar Engels. In 2014 heb ik een kleine dojo geopenend en een jaar later klopt de internationale MMA organisatie One Championship op mijn deur en ben ik professioneel fighter geworden.”

 

tatoeages-kl

Mijn Indisch-zijn uit zich ook in mijn tatoeages van Indonesische afbeeldingen: de barong, batik patronen, Arjuna en Garuda Visnu.

Door blauwe ogen schrijft over Indische identiteit, hoe zit dat bij jou?
,,Als Indische jongen kom ik uit voor mijn roots. In elk interview vertel ik dat m’n pa uit Menado komt. Gek genoeg herkennen mensen in Jakarta me niet als Indisch, dat blijf ik apart vinden. Het is een stukje onwetendheid, ze vinden me een bule (buitenlander) in Jakarta. Indonesische jongeren hebben geen flauw idee wat zich hier vroeger heeft afgespeeld. Toch is de hoofdstad echt mijn thuis. Ik hou van mijn buurt, mijn beste vrienden wonen daar ook. Ik heb geen enkele intentie om terug naar Nederland te gaan.”

Indisch-zijn was niet vreemd
Toch was ik vroeger niet bewust van mijn Indische afkomst, als kind zijnde dacht ik er niet over na. Ons gezin met een Indische vader en Britse moeder was normaal voor mij. Ook in het  traditionele Ermelo, waar niet veel Indische gezinnen woonden, vond niemand het vreemd.

Eenmaal op de middelbare school in Harderwijk ontmoet ik veel Indische leeftijdsgenoten. ‘Hé, je bent Indo toch?’, ik hoor er meteen bij. Met een grote groep Indische jongeren uit het hele land ga ik feesten af. Van hardcore house parties, tot Indo parties en natuurlijk pasar malams. We zijn elkaars beste vrienden.”

Nederlandse of toch Indonesische status?
Anthony’s vader vertrekt in 1949 als Indische Nederlander naar Nederland. Ter voorbereiding van dit interview vind ik een website over naturalisatie van Indonesiërs in Nederland waaruit blijkt dat de familie Engelen in 1974 de Nederlandse nationaliteit heeft gekregen. Op het eerste gezicht vreemd, kloppen deze gegevens?

Anthony legt tijdens het gesprek een lijntje met zijn vader in Nederland die het ons uitlegt: ,,Toen opa Engelen met pensioen ging in 1974, hebben ambtenaren in zijn verleden gewroet. Volgens hen heeft zou mijn grootvader vroeger iets hebben verzuimd te doen, waardoor zijn kinderen nooit Nederlandse zijn geworden. Gek, want wij zijn dienstplichtig geweest en hebben met een Nederlands paspoort Indië verlaten. ‘Dat was dan jammer en een vergissing’, reageerden de betrokken ambtenaren toendertijd. De overheid voerde als goedmakertje voor onze familie de naturalisatie officieel door in 1974 en zo hebben we alsnog de Nederlanderse nationaliteit gekregen, ” aldus Anthony’s vader via de telefoon.

baard-kl

Confrontatie met Indisch verleden in pretpark
,,Indië en Indisch-zijn is altijd bespreekbaar geweest in ons gezin. Ik herinner me een confronterende situatie waarop het Indisch verleden van invloed is geweest. Op jonge leeftijd bezoeken mijn ouders, broertje en ik Disney World in Florida. In het pretpark zijn gedeelten ingericht als verschillende delen van de wereld. Als kind vind ik het maar wat interessant. Eenmaal aangekomen bij het Japanse gedeelte in het park gebeurt er iets geks, wat ik niet direct kan plaatsen. Mijn vaders houding verandert, hij weigert zelfs om ‘Japan’ binnen te gaan. Later deze vakantie valt bij mij het kwartje. Hij heeft een slecht gevoel bij dit  Aziatische land vanwege de Tweede Wereld Oorlog in Indië.”

Trainen en niet eten
Anthony’s 5e professionele gevecht is op 14 januari in Jakarta. Voorafgaand aan dit hoogtepunt traint hij twee keer per dag en volgt een strikt dieet. ,,Sport en eten zijn het belangrijkst voor me, dus niet kunnen eten wat ik wil is lastig.”

portret-kleur-kl

Toekomst
,,Ik heb altijd iets met sport willen doen. Vroeger tenniste ik op hoog niveau, maar al gauw zag ik in dat dat niet voldoende geld zou opleveren. Bezig zijn met MMA in Indonesie, waar de sport nog in de kinderschoenen staat, biedt kansen. Ik kan zeker tot mijn 36ste nog blijven vechten.”

Ik rond het gesprek af met de vraag wat er op zijn to-do-lijstje in de nabije toekomst staat. ,,Ik wil meer van Indonesië zien, zo ben ik nog nooit in Solo of Yogyakarta geweest. Verder komen er meer gevechten en open ik een nieuwe sportschool samen met mijn coach Martijn de Jong.

En wat is het eerste dat je gaat doen na jouw belangrijke gevecht? Daar hoeft hij niet lang over na te denken en zegt vastberaden: ,,Makan!”

 

Meer over Anthony Engelen:

One Championship 14 januari 2017 in Jakarta: http://onefc.com/events/75-one-championship.html

Instagram @Anthonyengelen

Copyright S. de Rozario. Rebloggen mag, maar let op de journalistieke etiquetten. Vermeld altijd de bron (website en auteur) en plaats de gehele originele tekst (dus niet knippen en plakken van tekstgedeelten). Plaats bij elke afbeelding de naam van de fotograaf! Bij vragen, graag mailen naar: doorblauweogen@gmail.com.

Beeld: Mark Thurman

Website Gelijkstellingen en naturalisaties: http://naturalisaties.decalonne.nl/

Naast jongeren ook geschiedenis en na-oorlogse periode aan bod

Een bijdrage van Sabina de Rozario

Het eind van het jaar betekent even stilstaan bij de afgelopen maanden om vervolgens hard vooruit te gaan. Ook Door blauwe ogen heeft de tijd genomen om terug te kijken. Lees in dit artikel over de kleine hoogtepunten, maar ook waar het platform zich het komende jaar op gaat richten.

Het afgelopen jaar hebben Indische jongeren vooral centraal gestaan. Een recap van een aantal artikelen.

Paatje Pfefferkorn foto: M. de Jong

De legendarische Paatje Pfefferkorn en Martijn de Jong

Ambitie in Indonesië
Wie herinnert zich niet de ambitieuze Martijn de Jong? Hij is druk bezig zijn business van sportscholen verder uit te breiden in Indonesië, omdat hij iets wil teruggeven aan het land waar zijn vader is geboren. De eerste Tatsujin gym zal spoedig openen, naast mooie woorden dus ook daden van deze derde generatie Indo. In 2017 zal een tiental sportscholen zijn geopend, geheel volgens Martijns vooruitstrevend schema. (Lees hier het hele artikel over Martijn de Jong)

Evert-Jan Nijboer poseert voor de foto samen met een Indonesisch jongetje

Evert-Jan Nijboer poseert voor de foto samen met een Indonesisch jongetje

Soldaat tijdens de politionele acties
Een ander opmerkelijk artikel is van Ronald Nijboer (29). Als hij op een dag het dagboek van zijn opa in handen krijgt, besluit hij in Indonesië naar de plaatsen te gaan waar zijn opa heeft gediend als dienstlichtig soldaat tijdens de politionele acties. Op Door blauwe ogen schrijft hij daarover een persoonlijk en waardevol artikel. Het goede nieuws is: Een uitgever gaat de verhalen van zijn opa uitgeven. In 2017 ligt het verhaal in boekvorm in de winkel. Wat een mooie ode aan zijn dappere opa.

In januari van het nieuwe jaar zal Ronald een update over zijn laatste zoektocht voor het boek in Indonesië publiceren op Door blauwe ogen. (Klik hier voor zijn artikel ‘God geve dat het niet tevergeefs is geweest’)

Tiffany van Soest met belt kl

3e generatie Indo uit Californië
Het meest gelezen verhaal van het afgelopen jaar: Muay thai-fighter Tiffany van Soest die voor het eerst tijdens een interview uitgebreid over haar Indische roots verteld. Op het moment van publicatie (april) is zij nog hard aan het trainen voor de belangrijke Glory-titel die zij onlangs in december behaalt en in een klap wereldberoemd wordt. (Lees hier het artikel over Tiffany)

Binnenkort een update over deze krachtpatser uit Californië die momenteel in Bali woont.

Meer Indische geschiedenis
Wat gaat Door blauwe ogen het komende jaar nog meer brengen? Wie het laatste artikel van december heeft gelezen, waarin Reggie Baay vertelt over de kolonie Nederlands-Indië en de gevolgen voor het huidige Indonesië hiervan, merkt dat er nieuwe hoofdstukken in de Indische geschiedenis bespreekbaar (moeten) worden. Het onderzoeken van het verleden zoals de politionele acties (Wat is er nu écht gebeurd?) en de slavernij tijdens het koloniale tijdperk (een onbekend hoofdstuk uit de geschiedenis) krijgen in de Nederlandse en Indonesische media steeds meer aandacht.

Ook Door blauwe ogen gaat met deze thema’s aan de slag het komende jaar. De lezer kan verhalen over slavernij in Indië, de politionele acties en het na-oorlogse en huidige Indonesië verwachten.

Jongeren
Uiteraard zal de derde generatie aan bod blijven komen. Door blauwe ogen speurt (en vindt!) graag naar ambitieuze Indischen in binnen- en buitenland die de Indische roots laten spreken. Lees binnenkort over de derde generatie Indischen uit Nederland en Indonesië op dit platform.

Een andere ambitie is om de jonge vierde generatie in de spotlight te zetten, want bij Door blauwe ogen telt elke generatie ten slotte.

Door blauwe ogen wenst iedereen een knallend 2017!

Martijn de Jong: Van passie naar missie

 Bijdrage van Sabina de Rozario

Staren naar de wereldkaart, opzoeken waar Indonesië ligt. Als kleine jongen is hij altijd bezig met Indië en Indonesië, het land waar zijn vader is geboren. Toen wist hij het al: Daar ga ik iets doen later.

De kleine dromer van toen is Martijn de Jong (Deventer, 17 juli 1974), inmiddels een volwassen man met nog steeds veel ideeën en plannen. Ik ontmoet hem bij een warung langs een drukke weg in Bali, hij is in goed gezelschap als ik aanschuif. Als de gerechten op tafel komen, volgt een inspirerend gesprek over zijn carrière in de vechtsport en zijn daaruit voortvloeiende ambitie in Azië.

‘Nare Japanners’
Martijns carrière in Mixed Martial Arts (MMA) neemt midden jaren ’90 een grote sprong als hij een gevecht heeft in Japan. Hij herinnert zich zijn eerste Japanse tegenstander nog goed: ,,De ervaringen van mijn Indische familie in de Japanse kampen maakt dat ik haatgevoelens voor mijn tegenstander heb. In minder dan 4 minuten versla ik hem. In de kleedkamer bedankt de Japanner me nederig voor het gevecht. Ik snap zijn houding niet. Japanners zijn toch nare mensen?”

De legendarische Paatje Pfefferkorn en Martijn de Jong

De legendarische Paatje Pfefferkorn en Martijn de Jong

Schuldgevoel
,,Een jaar later ben ik voor een langere periode terug in Japan om te trainen. Ik word er goed opgevangen en verzorgd. Een reality check: De oorlog is verleden tijd, deze mensen om me heen zijn andere mensen dan ‘die slechte Japanners’. Meer dan 70 keer heb ik Japan bezocht en heb altijd een schuldgevoel gehad tegenover mijn Indische familie. Ik kreeg kans om Japans te leren, maar heb dat niet direct gedaan. Dat ik eerder Japans zou spreken dan Indonesisch kon ik niet rijmen met de geschiedenis van mijn familie.”

Je bent vaak in Indonesië, vroeger voor vakantie, nu vooral voor zaken. Hoe is het om in Indonesië te zijn?

,,Indischen hebben geen eigen land meer, maar in Indonesië voel ik me thuis. Toch hoor ik er niet helemaal. En dat geldt voor Nederland ook. Kijk, spekkoek is in Nederland Indische cake. In Indonesië noemt men het Nederlandse cake. En zo is het ook een beetje met de Indo. Soms voel ik me als een spekkoek!”

Tatsujin defence system

Martijn in actie op de advertentiefoto van zijn trainingsmethode bij Celebrity Fitness

Positief aanraken
Onlangs heeft Martijn zijn ontwikkelde Tatsujin Training System succesvol geintroduceerd bij een grote sportschoolketen in Indonesië, Maleisië en Singapore. Dit jaar opent hij zijn eigen sportschool in Jakarta en tevens gaat hij van start met een reallife programma op de Indonesische televisie. Een gedreven ex-topsporter die mensen positief wil aanraken waar ook ter wereld.

Waarom wil je juist jouw kennis delen in Indonesië? Zit er een dieper gevoel achter dan alleen succesvol zijn in jouw tak van sport?

,,Ik wil MMA, de snelst groeiende sport in de wereld, groot maken in Indonesië, want ik zie dat daar potentieel is. Met het reallife programma wil ik laten zien dat je door vechtsport zelfverzekerd en zelfs een held kunt worden. Van iets negatief positief maken.”

Teruggeven
,,Door mijn Indische roots en mijn ervaring, die ik overal heb mogen opdoen, wil ik mensen helpen in Indonesië. Mijn passie voor MMA is nu mijn missie geworden. Ik heb het gevoel dat ik iets kan teruggeven.”

 

Meer info over Martijn de Jong: http://www.tatsujindojo.nl

Indische identiteit met diepgang

Bijdrage van Evert Mutter

Het project Tussen twee generaties is een emailwisseling tussen een 2e en een 3e generatie Indo over Indisch-zijn. Lees hier het antwoord van Evert op de laatste post (9 sept) van Sabina met de titel ‘De 3e generatie is zeker Indisch.’ Klik op de titel om haar artikel te lezen.

Beste Sabina,

Ik heb met meer dan normale belangstelling jouw blog ‘De 3e generatie is zeker Indisch’, gelezen. Ik beschouw het een beetje als een hartenkreet. De ongefundeerde opmerking van die oudere Indische dame dat jij, als derde generatie een blanda zou zijn, raakt je meer dan je wil doen voorkomen. En ik kan me dat heel erg goed voorstellen. Nogmaals de opmerking van die mevrouw was erg ongenuanceerd.

Een gevoel dat je woordloos kunt delen
Ik wil als vertegenwoordiger van de tweede generatie, nog geboren en deels getogen in Indië, mijn visie geven. Zoals je weet ben ik nog dagelijks bezig met de geschiedenis van de oude kolonie en met het de vraag wat dat ‘Indisch’ nou eigenlijk is. In andere verhalen heb ik al eens aangegeven dat het begrip vrij complex is en dat er nauwelijks een wetenschappelijk definitie voor is te formuleren. Misschien moeten we het houden bij de diffuse constatering dat ‘Indisch een gevoel is dat je woordloos met de andere kunt delen, die de dezelfde herkomst heeft.’ Een wetenschapper zou met zo’n constatering natuurlijk geen steek verder komen. Maar in de context van deze blogs zullen het er toch mee moeten doen.

Benaderen en meten van Indisch-zijn
Wat mij betreft kan je dat Indisch zijn op verschillende manieren benaderen. In de eerste plaats, en dat is redelijk meetbaar, ben je Indisch als een van je ouders of voorouders van Indonesische oorsprong is. Het Indisch-zijn is dan gewoon genetisch bepaald. Bij vele Indo’s is het zo dat een van de ouders of grootouders al van gemengd bloed is. Ondanks het feit dat het percentage van Indonesische genen dus sterk kan variëren, voelen de Indo’s die nog in Indië geboren en getogen zijn, zich nog steeds echt Indisch.

Na de noodgedwongen vestiging van vrijwel alle Indo’s in Nederland ontstaat er een derde generatie Indo’s die in Nederland geboren en getogen is. Van deze groep kunnen de beide ouders Indisch zijn of van gemengd Indische/Hollandse oorsprong. Blijkbaar stellen velen zich de vraag of deze derde generatie nog als Indisch kan of mag worden aangemerkt. Nogmaals als een van de ouders of beide ouders van Indische origine zijn, zijn deze nakomelingen dus Indisch. Verder is het echter afhankelijk van hun omgeving en hun persoonlijkheid in welke mate zij zich bewust zijn van die specifieke Indische identiteit. Hebben ze van hun ouders in de opvoeding het een en ander meegekregen? En zelfs als dat het geval zou zijn, hebben ze daar als individu iets mee gedaan?

Indisch-zijn is meer dan soto ayam
Ik lees wel eens interviews met derde generatie Indo’s in de Moesson die tot de (semi) BN-ers horen. Velen van deze groep ontlenen hun Indische identiteit uitsluitend aan hun meer dan gemiddelde bekendheid met de Indische keuken. Niet beseffend dat het Indisch zijn schier oneindig veel meer is dan weten wat soto ayam is. Kortom hun Indische identiteit heeft de diepgang van een oud Hollands dubbeltje. Wat mij betreft zijn dit genetisch gezien Indo’s maar qua identiteit is de term Indisch nauwelijks van toepassing.

Maar gelukkig zijn er ook Indo’s van de derde generatie, dus in Nederland geboren en getogen, die van huis uit die Indische identiteit met de paplepel ingegoten hebben gekregen en die er ook bewust iets mee gedaan hebben. Die zich verdiept hebben in de oorsprong van die identiteit. Die interesse tonen in de gebruiken, de tradities, de opvattingen etc. van de Indo. Die trachten zich te verdiepen in het gevoelsleven van die typische mesties. Om de zaak nog complexer te maken zou je dezelfde vragen kunnen stellen over de derde generatie Indo’s van de mensen die in de jaren 50 geëmigreerd zij naar, voornamelijk, de VS. Maar misschien kunnen anderen daarover uitweiden.

Nog een slot opmerking. Vele blanda’s, wier families generaties lang in Indië gewoond en geleefd hebben, maar die zich nooit vermengd hebben met de inheemse bevolking, noemen zich tegenwoordig ook graag ‘Indisch’. Ik wens die term echter slechts te reserveren voor de groep die van gemengd bloed is. De blanda’s uit Indië noem ik Indischgasten. Net zoals de peranakan Chinezen, zich ook consequent zo noemen en zich dus niet Indisch noemen.

Je bent op en top Indo
En dan echt tenslotte. Die Indische mevrouw die jou dus een blanda noemde, heeft in tweeërlei zin ongelijk. Je bent immers dochter van een Indische vader en je hebt je meer dan verdiept in de Indische identiteit. Je bent wat mij betreft op en top Indo, in meer dan een opzicht. En ik denk dat jij, net als ik trouwens, dat Indisch-zijn koestert en er trots op bent.

Evert Mutter

De 3e generatie is zeker Indisch

Bijdrage van Sabina de Rozario

Er komt geen reactie op wat ik hem net heb verteld. De oude Indische man zegt niets meer en kijkt strak voor zich uit. Ik ken deze reactie. Ik heb het eerder meegemaakt dat men afwijzend is als ik vertel over mijn geschreven verhalen en boek over de 3e generatie Indischen in Nederland. De reden hiervoor is dat sommigen de nakomenlingen van de 2e generatie Indischen niet Indisch vinden.

Cover Door blauwe ogen

Ook een Belanda
Een ander voorbeeld waaruit blijkt dat ik (en betrek hierbij de hele 3e generatie) niet al Indisch wordt gezien. Ik word voorgesteld aan een wat ouder Indisch gezelschap, waarvan een Nederlandse dame frivool uitroept: ,,Ik ben de enige Belanda hier hoor.” Gevolgd door een opmerking uit de groep in mijn richting door een Indisch dame die weet heeft van mijn Indische afkomst:,,Maar deze is ook een Belanda!” Ik haal mijn schouders op. Dat zij mij niet als Indisch ziet, dat mag. Al ben ik het wel.

Kijk, ik hoef me niet te verdedigen of mijn afkomst Indisch is. Het enige punt waarover te discussiëren valt, is of ik nu Indisch of Indo ben. De familie van mijn vaders kant is nagenoeg niet Nederlands en daarom zou de term Indo-Europees beter passen? Een kniesoor die daar op let maar geloof me, dat doen ze.

Geen twijfel over mijn identiteit
Indo of Indisch-zijn is meer dan alleen een afkomst. Het is een identiteit. En die is voor mij heel duidelijk. Ik ben vrouw, geboren in Nederland, houd van badminton en ben open-minded. Vertaal dit  naar identiteit dan ben ik: vrouw, Nederlander, badmintonner, een vrije geest en Indo. Daar twijfel ik nooit aan en waarom zou ik? Moet ik twijfelen aan mijn afkomst, omdat sommige Indischen mij niet als een Indisch willen zien? Claimen deze mensen het Indisch-zijn omdat zij in Indië zijn geboren? Vinden zij dat nakomelingen van de 2e generatie Indischen zich niet Indisch mogen voelen?Portret

Op mijn beurt stel ik de vraag aan deze mensen: Wat maakt een persoon Indisch? Als ik naar mezelf kijk, is de helft van alles om mij heen Indisch; de helft van mijn familie, de helft van mijn ouders, de helft van mijn opvoeding. Dat maakt dat een helft van mij Nederlands en een helft Indisch is. En als je zegt dat ik niet Indisch ben, dan besta ik dus uit een helft van…niks?

3e generatie Indisch? Ja!
Nogmaals, als mensen niet willen zien dat ik en mijn generatiegenoten Indisch zijn, dan is dat maar zo. Ik twijfel niet aan mijn afkomst en ik schrijf over mijn Indische cultuur en afkomst met een vernieuwde blik. Of die mening voldoende Indisch is, daar mag men over twijfelen. Maar wat ik ben en hoe ik me voel, in beide gevallen Indisch, daar is geen twijfel over mogelijk.

Dit is een bijdrage van Sabina, initiatiefnemer platform Door blauwe ogen en auteur Door blauwe ogen, Het Indo-gevoel van de 3e generatie in Nederland.

Rebloggen van dit artikel mag, mits met de juiste bronvermelding op de website. Plaats geen eigen beeld bij de link. Plaats niet enkel delen uit het artikel. Denk aan de journalistieke etiquetten!

Voorwerpen uit Indië, deel 2

Bijdrage van Sabina de Rozario

In deze post het tweede deel van het artikel Voorwerpen uit Indië, het eerste deel is eerder gepubliceerd op deze site.
Als free-lance fotograaf heb ik ooit bijzondere voorwerpen uit Indië mogen fotograferen. Wellicht zijn ze voor sommigen herkenbaar. Wie droeg er niet zo’n matrozenpakje toen hij klein was? En wie herkent de pijama met tressen?

(Klik op de foto’s om ze te vergroten.)

Oude dias kl

Matrozenpakje kl

Matrozenpakje voor en achter kl

Detail mouw kl

Tressen kl

Patroon voor pyama kl

Pyama kl

Schoenen kl

Ga verder dan herdenken

Indië monument in Den Haag Foto: S. de Rozario

Indië monument in Den Haag

De jaarlijkse Indië herdenking is over een aantal dagen. Op 15 augustus herdenken we gezamelijk het einde van de Tweede Wereldoorlog in voormalig Nederlands-Indië.

Ik heb vaker over de herdenking geschreven. Hoe ik erover denk en waarom ik probeer jongeren bij de herdenking te betrekken. Ik hoop dat het gelezen wordt en ik de juiste snaar raak.

Via dit platform ben ik in contact gekomen met het Dialoog Nederland-Japan-Indonesië (zie eerdere post Dialoog NJI ). Een bijzondere organisatie vind ik. Dialoog NJI kijkt verder dan het herdenken van de oorlog die dit jaar 70 jaar geleden ten einde kwam. Het organiseert jaarlijks een bijeenkomst om het gesprek tussen de betrokkenen opgang te krijgen.
In het laatste persbericht dat ik krijg van Dialoog Nederland-JapanIndonesië, word ik geraakt door de volgende promotionele tekst:

‘Ga verder dan herdenken,
ontmoet Japanners en Indonesiërs’

Ik heb de tekst meteen via Twitter verspreid, want ik ben het hier erg mee eens. Eigenlijk lees ik deze tekst op twee manieren, maar ik weet niet of dit ook de bedoeling van de schrijver is geweest?

De vijand?
De eerste boodschap: Herdenk niet alleen in eigen kring, maar praat met ‘die ander’. Die ander staat voor de vijand van toen. En ik schrijf met nadruk ‘van toen’, want Indonesië en Japan zijn voor de nieuwe generaties officieel geen vijand meer. Ze zijn het (geweest) voor onze (groot)ouders en dat feit herdenk ik op 15 augustus.

Logo Dialoog NJI
Kijk vooruit
Zelf heb ik het plan om ‘verder te gaan dan herdenken’ al een aantal jaar geleden opgepakt. Inmiddels ben ik een aantal Japanse vrienden, Indonesische vrienden en Indonesische familie rijker. Met hen heb ik al vaak over de Tweede Wereldoorlog gesproken. En de conclusie is altijd: we kijken vooruit. En daarmee ben ik bij de tweede betekenis van de zin ‘Ga verder dan herdenken’. Ik lees hierin: Ga verder ná herdenken. Kijk vooruit. En dat is wat ik doe.

Informatie over de bijeenkomst van Dialoog NJI:

Datum: zaterdag 5 september
Tijd: 10.00 uur – 16.25 uur
Plaats: De Voorhof (naast de Oude Kerk), Herenstraat 77a, Voorburg

Voor meer informatie of aanmelden, stuur een e-mail sturen naar
Dhr. J.M. Lindeijer, e-mail: dialoguenji@gmail.com of bel 040 2439786.

http://www.dialoognji.org

Achter de schermen bij Door blauwe ogen

Camera,lights, action! Alle interviews nemen we ook op. Wellicht verschijnt er ooit nog een docu?

Camera, lights, action! Hier wordt het interview, net als alle andere, opgenomen met camera. Wellicht verschijnt er ooit nog een docu?

Van idee naar dik salontafelboek
‘Even een boek maken’ betekent maanden van interviews houden, onderweg zijn en bovendien mooie ontmoetingen hebben. Alles met een lach en soms een traan. Ik vind het geweldig om te interviewen en bovendien gezellig om Indische generatiegenoten uit het hele land te ontmoeten. We zitten in een positieve flow tijdens deze ‘trip’ en ik realiseer me dat het een voorrecht is om op deze manier te kunnen werken.
Nu, 10 jaar na publicatie van het boek, ben ik nog blij dat ik dit project op mijn eigen manier heb mogen maken.  Het is een succes gebleken. De formule duikt regelmatig op, een compliment voor het creeerende team.

Expo Kanjil & de Tijger
In 2005 sieren de portretten van Door blauwe ogen de muren van restaurant Kanjil & de Tijger. Ook maken we nieuwe  portretten voor deze expositie van het toonaangevende restaurant in Amsterdam. De laatste foto van dit artikel is speciaal gemaakt voor deze tentoonstelling.

Achter de schermen
Hieronder een aantal foto’s van achter de schermen van Door blauwe ogen. Ik vind het leuk om onszelf te laten zien tijdens onze creatieve (road)trip.

Anouk doet haar schoen goed kl

Anouk  bereidt zich voor en doet haar schoen goed voordat haar portret wordt geschoten.

Maarten aan het werk kl

Maarten, de fotograaf, kijkt tevreden naar de foto’s van Fiona (links).

Fotograaf lokt reactie uit kl

De fotograaf lokt een reactie uit en die krijgt hij!

Ik wacht kl

Ik wacht geduldig tot het de fotograaf en de geinterviewde is geschoten en word dan zelf het slachtoffer.

Maarten in actie kl

Maarten in actie in ons kantoor. Meestal waren we op locatie ergens in het land.

Soms lang wachten kl

Hij wacht geduldig tot hij aan de beurt is of is hij al aan het poseren? Voor sommigen is het een natuurlijk iets.

Randy kijkt kritisch kl

De blik van de altijd kritische Randy spreekt boekdelen.

Thuis bij zijn oma kl

Thijs ontmoet ik in het huis van zijn oma. ik wilde hem perse fotograferen met het typisch Indische schilderij waar hij onder zit.

Oefenen met poseren kl

Wat heb ik gelachen tijdens de bezoeken,. Zo ook hier als het model ‘serieus’ oefent voor zijn coolste pose.

Werken in de sneeuw kl

Fotograferen in de sneeuw, wat een ontberingen hebben we doorstaan. Alles voor een mooi plaatje.

Lindsay kl

Deze foto is onderdeel van de expositie geweest bij Kantjil & de Tijger. Ik wilde een andere kant van het lieve mooie Indische meisje laten zien. Of dit is gelukt mag je zelf beoordelen.

Meer info over Door blauwe ogen vind je hier:

https://doorblauweogen.wordpress.com/boek-door-blauwe-ogen/

 

Ander kleurtje

Lindsay,,Indisch-zijn is voor het gevoel dat je ergens bij hoort, dat je eigen gebruiken hebt en tussen twee culturen zit.”
(Lindsay, 28 jaar, Voormalig Miss Universe Nederland)

Lindsay legt uit dat Indisch-zijn voor haar betekent dat je niet altijd even lekker zit tussen twee culturen in. Haar foto en haar quotes zijn gepubliceerd in het boek Door blauwe ogen, het Indo-gevoel van de derde generatie Indo’s in Nederland (2005). Wellicht staat het boek bij je in de kast, voor degene die het niet hebben/kennen, publiceer ik wekelijks delen van hoofdstukken van Door blauwe ogen op dit blog.

Discriminatie
Het gevoel hebben dat je tussen twee culturen zit, wordt soms versterkt als je als individu wordt benadeeld vanwege jouw afkomst. Hoe denkt de derde generatie Indischen over discriminatie? Hier een selectie uit de interviews.

,,Gediscrimineerd worden is een bepaald iets waardoor je wordt geconfronteerd met dat je anders bent.” (Jackson, 24 jaar, drummer)

,,Mijn vader heeft al heel vroeg gezegd: ,,wees er bewust van dat je een ander kleurtje hebt. Je moet drie keer zo hard werken om hetzelfde te bereiken als een Nederlander.” (Michael, 32 jaar, PR-medewerker)

‘Anders zijn’ of een ‘ander kleurtje hebben’ wordt niet alleen door de omgeving benadrukt, maar wordt vooral door thuis meegeven, zo blijkt uit de interviews. Ouders die zelf discriminatie hebben meegemaakt, waarschuwen hun nakomelingen hiervoor. Kinderen begrijpen niet altijd direct waarom zij zouden worden achtergesteld vanwege hun afkomst, want zij zijn immers in Nederland geboren en getogen?

Eigen gemeenschap

Discriminatie is er ook in omgekeerde richting, Indischen tegenover Nederlanders, en zoals Iris het ervaart is het ook aanwezig binnen de eigen gemeenschap.

,,Hollanders noem ik altijd Belanda’s. Dat heb ik van huis uit meegekregen. Het is meer als een grapje bedoeld.” (Anouk, 26 jaar, Docent)

De vooroordelen van Indischen tegenover anderen Indischen zijn vaak groter dan van Nederlandse mensen. Als Indische moet je vaak heel Indisch zijn, omdat je er zo uit ziet.” (Iris, 30 jaar, Grafisch vormgever)

Julian slaat de waarschuwingen van zijn vader in de wind. Hij ziet de toekomst niet zo somber in:

,,Mijn vader heeft me altijd gezegd dat ik me met Nederlanders moest bezighouden en dat ik me op het Nederlands-zijn moest richten. Zo zei hij vroeger: neem een Nederlandse vriendin, want later wordt je gediscrimineerd. Maar ik denk niet dat hij gelijk heeft. Uiteindelijk hou je maar een ras over dat zijn allemaal mixjes.” (Julian, 21 jaar, student)

Betrokkenheid
Het toekomstbeeld van Julian is reëel, maar zover is het nog lang niet. Dat iedereen is samengesteld uit gemengde genen op een gegeven moment, is opzich een oplossing voor discriminatie. Een positief bijverschijnsel van discriminatie kan zijn dat het verbind of betrokkenheid bij de ander aantoont, zoals Simone vertelt:

SIMONE,,Ik voel me sterk verwant met allochtonen door mijn Indische afkomst. Ik ben gevoelig voor discriminerende opmerkingen, ook al gaat het niet over mij. Toch ga ik vaak de discussie aan, omdat ik mij aangesproken voel.”
(Simone, 36 jaar, Manager)

Over het algemeen heeft de derde generatie niet veel last van discriminatie, althans zoals de situatie 10 jaar geleden was. Wellicht is het nu meer aan de orde van de dag? Daarvoor zou ik weer in gesprek moeten met de derde generatie om er achter te komen of zij zich tegenwoordig vaker voelen benadeeld vanwege hun afkomst. Wordt vervolgd dus!

Dit is een bijdrage van Sabina
Foto’s: M.Fleskens

 

Note: Alle quotes en foto’s uit dit artikel zijn afkomstig uit het boek Door blauwe ogen en/of het archief van de auteur. Bij gebruik van de content dient eerst toestemming te worden gevraagd via: doorblauweogen@gmail.com. Rebloggen mag, maar let op het juist vermelden van de bron!