Toko

Lolo van Ruler: Toko Lo

Bijdrage van Sabina de Rozario

Kue pelangi Toko Lo

Kue pelangi van Toko Lo met op de achtergrond de foto’s van de opa en oma van Lola.

In de serie Indische jongeren, dit keer een sprankelende onderneemster die van haar hobby haar beroep heeft gemaakt. Lola van Ruler heeft onlangs haar eigen online winkeltje geopend, een reden om alles te vragen over haar Toko Lo.

Lola op event

Lola in haar stand

Als klein meisje is Lola altijd in de keuken van haar oma’s te vinden. Ze trekt zich liever terug naar de plek waar het eten wordt bereid dan zich te mengen in de drukke feestjes in de woonkamer. Hierdoor zit ze met haar neus overal bovenop en leert ze de speciale recepten van de familie kennen. Als haar oma’s overlijden, is de keuken van haar moeder haar leerschool.

Toko Lo
Lola is een bewuste 3e generatie Indische. Zo schrijft ze wekelijks voor de website Indo’s be like, reist regelmatig af naar Indonesië en heeft haar passie gevonden in de Indische keuken.

Lekker bakken in de keuken, recepten proberen, maar ook zelf nieuwe gerechten uitvinden, hele dagen kan Lola in haar keukentje doorbrengen. En dat is ook meteen haar kracht. Haar passie voor de Indische keuken heeft haar gemaakt tot wat ze nu doet. Of eigenlijk ís, want Lola is Toko Lo en Toko Lo is Lola.

Pretpakket Toko Lo

Meegaan in de flow
Inspiratie krijgt Lola onder andere tijdens haar verblijf in Indonesië. Jaren geleden staat haar eerste reis in het teken van zoeken van herkenning. De derde keer (2015) is het vooral om zich op te laden. Overgeven aan het tempo, loslaten van planning, meegaan in de flow en terug naar de oorsprong, zoals ze zelf mooi uitlegt. ,,Ik ga zeker naar huis met veel nieuwe recepten, smaken en ideeën. Van de kaki lima, warungs tot aan het schoteltje met een snoepje op de hotelkamer.”

Tokolo logo

Logo van Toko Lo

Unieke mix
Is Toko Lo nu nog te vinden op Pasar Malams en evenementen (check haar website waar en wanneer), de echte droom van deze ambitieuze onderneemster is om een fysieke winkel te openen.
De goedlachse Amerfoortse ziet het al helemaal voor zich. Haar plan is om binnen een jaar tijd een ‘vaste’ toko te openen. Toko Lo wordt een mix van een eethuis met kleine gerechten versus de kaki lima waar men zeker weet dat zij de authentieke snacks/zoetigheid kunnen halen. In de weekenden kunnen kleine gezelschappen reserveren om een rijsttafel te komen eten. Toko Lo moet ook als ontmoetingsplaats dienen.

Kleintje in de keuken
Ik vind het mooi om te zien wat een vakantie naar Indonesië voor mensen kan brengen. Is dat voor de één het heerlijke strand of het lekkere eten. Voor de ander is het het zoeken naar de Indische roots. Voor Lola zijn het grote dromen, het nodige geduld en uiteindelijk een eigen toko. Haar toko zal een plaats voor Indisch eten en cultuur overdracht worden. En dat laatste gebeurt zoals dat moet gebeuren. Want het is niet moeilijk voor te stellen dat in Lola’s keuken ook weer een kleintje met grote ogen zal meekijken.

Interview door Sabina. Beeld van Toko Lo en de Instagram account van Lola

Bekijk de website van Toko Lo voor meer informatie of als wil je proeven van de Indische snacks en gerechten van Toko Lo: http://www.TokoLo.nl

Advertenties

Mijmering

Het project Tussen twee generaties volgt de mailwisseling tussen Evert, 2e generatie Indo, en Sabina, 3e generatie Indo. Zij bespreken Indie, Indisch-zijn en de Indische cultuur om te zien hoe de ander hierover denkt.
Deze keer mailt Evert over de weemoed en verlangen van de Indo. Hij vraagt zich af wie zich nog bekommert over de oude Indo tegenwoordig:

Beste Sabina,

Ach het is al zo vaak gezegd. Het dreigt sleets te worden. Het begrip “Indisch” is nauwelijks of niet te omschrijven. Er past geen wetenschappelijke antropologischedefinitie bij. De enige zinnige, maar desondanks ongrijpbare omschrijving is dat Indisch een gevoel is. Het is een complex begrip dat alleen mede invoelbaar is door andereIndischen die het gevoel ook kennen en met wie je het soms zelfs woordloos kunt delen.

Gespletenheid
Het is een ervaring die verschillende aspecten in zich heeft. Een gevoel van trots op de tweezijdigheid van je culturele achtergrond, maar daardoor ook van een gevoel van gespletenheid. Soms een gevoel van weemoed en verlangen naar het land van herkomst, een gevoel van ontheemd zijn. Soms voel je je niet begrepen en hou je angstvallig emoties onuitgesproken.

Laatst reed ik met mijn vrouw naar de toko om onze wekelijkse voorraad Indische gerechten enzovoorts te halen. Mijn vrouw is na al die jaren goed op de hoogte van de Indische keuken en lekkernijen waar ze mij een plezier mee doet. Ze gaat dan ook alleen de toko in en ik blijf in de auto, gewoon omdat ik een hekel heb aan op mijn beurt wachten.

Berustende gelatenheid
Terwijl ik zat te wachten komt een oude Indo uit de toko met in elke hand een volle tas . Het was guur, het regende en er stond zo’n dunne wind. Dat typische Hollandse weer waar je je nauwelijks op kan kleden. De man bleef staan, zette zijn tassen neer en dook dieper in zijn kraag terwijl hij kouwelijk zijn smalle schouders optrok. Hij draaide een shagje in zo’n Indische torpedovorm en stak er met enige moeite de brand in. Je zag dat hij genoot van zijn rokertje.

Hij draaide zijn hoofd een kwartslag waardoor ik hem vol in het gelaat zag. Dat gelaat trof me diep. Een oud gebruind gezicht met donkere ogen waaruit een oneindige eenzaamheid sprak en een berustende gelatenheid. Een oude Indo, die vele jaren in het oude land heeft geleefd en noodgedwongen een nieuw leven moest opbouwen in een kil land dat hem vreemd was.

Nu zijn jaren ver gevorderd zijn bekruipt hem een diep en niet te vervullen verlangen naar zijn geboorteland. Straks zal hij rusten in vreemde grond. Hoeveel van deze eerste generatie ouderen zijn er nog? Wie trekt zich hun geschiedenis, hun lot aan?

Met groeten,
Evert

Indo naar de toko

Toko (warung) in Bali

Toko (warung) in Bali

Mijn wekelijkse bezoekje aan de toko bij ons in de buurt verloopt steevast volgens hetzelfde stramien. Ondanks dat ik routine verafschuw is dit iets waar ik toch elke keer weer blij van word.

Op die dag in de week heb ik geen zin om te koken. Koken is sowieso niet mijn hobby. Vaak verzucht ik terwijl ik (verplicht) kook: ‘Woonde ik maar in Indonesie, dan kookte ik echt nooit.’ Net als mijn vriendinnetje op Bali gewoon bedenken, wat eten we vanavond en dat dan……juist……afhalen. Afhalen op z’n Nederlands betekent meestal pizza, patat of Chinees. Gelukkig hebben wij een goede toko in de buurt dus bij ons betekent afhalen meestal Rames Speciaal, lumpurs erbij, spekkoek als toetje……’the works.’

Eenmaal bij de toko brengt de geur automatisch een glimlach van herkenning op m’n gezicht. Beelden van Indische familie van vroeger, de gezelligheid, het eten (vooral het eten), samen dansen en ook beelden van mijn andere vaderland waar ik in 2009 voor het eerst voet aan de grond zette. Hoe koud het in Nederland ook is, ik krijg het gelijk aangenaam warm.

Baik baik

De lieve Indonesische dame ziet me en haar gezicht licht op. Selamat…..begint ze en vervolgt met ‘Apa Kabar?’ Ik antwoord in mijn steenkolen Indonesisch terug dat het goed gaat. (Baik baik). Vraag haar ook hoe het gaat en probeer m’n bestelling vervolgens zo goed en zo kwaad als het gaat in het Indonesisch te doen. Ik kom niet ver maar ze is geduldig, leert me wat extra woordjes en blijft natuurlijk lachen.

Terwijl het eten warm wordt gemaakt, verlekker ik me nog even aan alle andere Indonesische produkten die in deze toko te koop zijn. Ik bedenk me altijd dat ik toch echt eens zelf kroepoek moet gaan bakken en misschien ook al wat boemboe’s moet meenemen om toch echt weer eens zelf uitgebreid Indisch te gaan koken.

Both worlds

De ping van de magnetron haalt me uit m’n gedachten. Het eten is klaar. Ik zeg ‘terimah kasih’ tegen de aardige dame (heb ondertussen al betaald natuurlijk) en natuurlijk ‘sampai jumpa lagi’ (zoals ze mij heeft geleerd).

Met een grote glimlach verlaat ik mijn ene vaderland om vervolgens buiten in mijn andere te stappen. Ik ruik de zoete geur van de in bloei staande bollenvelden. Fantastisch! En weer komt er een glimlach op m’n gezicht……best of both worlds!

 

Tjarda de la Combé